Copyright: Cherubino

Copyright: Cherubino

Poytan heeft besloten om zich in Benelux alleen nog maar te richten op het bouwen van atletiekbanen. De toenemende kosten om producten überhaupt op de Sportproductenlijst te krijgen en de ‘gewoonte’ om aanbestedingen voor kunstgras sportvelden vaak te gunnen op basis van de laagste prijs, maken de Nederlandse markt steeds minder interessant, zo is de mening.

Polytan valt onder de Sport Group, een bedrijf dat onder andere ook eigenaar is van Astroturf en Synlawn.

Voor de Benelux betekent de stap dat er niemand meer specifiek verantwoordelijk is voor deze kunstgrasmarkt. Vanwege haar expertise in kunststoftoplagen en de bereidheid van de markt om voor dit soort toplagen wel op basis van kwaliteit te gunnen, blijft het bedrijf dit soort projecten wel in de Benelux najagen.

Eenvoudige businesscase

Sportvelden.info begrijpt dat de businesscase snel was gemaakt. De hoge ontwikkelings- en keuringskosten die producenten moeten dragen om in Nederland een product te mogen aanbieden, wegen elke fabrikant zwaar. Waar hockeybond KNHB inmiddels dezelfde eisen aan een kunstgrasveld stelt als de internationale hockeybond FIH, wenst voetbalbond KNVB er een eigen koers op na te houden. Het gevolg is dat producenten dubbele keuringskosten moeten betalen: de kosten voor het keuren op basis van de FIFA-norm voor de internationale markt en de kosten voor het keuren op basis van de KNVB-norm voor Nederland.

‘Duur’ duurzaamheidslabel

Sinds kort komen de kosten die verbonden zijn aan het duurzaamheidslabel, daar bij. Om hun producten geclassificeerd te krijgen, moeten producenten LCA’s overleggen voor zowel de kunstgrasmat, infill als shockpad.

En ook hier vaart Nederland haar eigen koers. Zolang de PEF die op Europees niveau wordt nagestreefd, onvoldoende geborgd is, hanteert het Kwaliteitszorgsysteem (KZS) haar eigen systeem. Ook hiervoor dragen producenten zelf de kosten. Die kosten kunnen niet uitgesmeerd worden over de verkopen elders in Europa omdat het Nederlandse systeem puur voor de Nederlandse markt werkt.

Begin vorig jaar vertelde een andere kunstgrasleverancier aan Sportvelden.info dat zij inschatte dat die kosten voor het Duurzaamheidslabel alleen, zouden kunnen oplopen tot EUR 2 miljoen wanneer ze hun hele porfolio op de Sportproductenlijst zouden willen handhaven.

Eigenwijs beleid

Het management van Polytan valt daarbij ook over de tendensen om projecten voor kunstgras sportvelden in Nederland (vaak tot op detail) te blijven specificeren én deze te gunnen op basis van de laagste prijs.

De sportveldensector klaagt al jaren steen en been over beide praktijken.

Een conservatieve rekensom leert dat de hang van aanbestedende partijen om een eigen draai te geven aan een project, in plaats van te kiezen uit een gangbaar product, de prijs voor een kunstgrasveld al snel met een ton opdrijft. 

Met 200 à 250 kunstgrasprojecten elk jaar, ‘verdwijnt’ daardoor ruim 20 miljoen euro. Deze ‘terugverdienen’ door te gunnen op basis van de laagste prijs, lijkt echter averechts te werken. Omdat de kosten voor de ontwikkeling, productie en logistiek in zo’n geval namelijk onveranderd blijven, kan er dan alleen nog gesneden worden in de uitvoering of logistiek. De problemen die besparing hierop met zich meebrengen, heeft Sportvelden.info, onder andere, in dit artikel beschreven.   

Geef een reactie