Hoewel de populariteit van organische infills langzaam maar zeker toeneemt, is er nog steeds weinig vergelijkingsmateriaal over hun gedrag en hun prestaties onder belasting in dezelfde omstandigheden. Op een testlocatie in Engeland worden de komende jaren zes organische infills bestudeerd en gemonitord om de organische alternatieven voor polymere infills beter te kunnen vergelijken en beoordelen.
Behalve kurk en verschillende infillmengsels met kokosvezels zijn de meeste organische infills relatief nieuw op de markt. Alternatieven zoals houtsnippers, residu van maïskorrels, olijfpitten of infill gemaakt van cellulose kwamen pas in beeld toen het voorgestelde verbod op de verkoop van polymeer infill nagenoeg definitief was. Hoewel al deze infills de verplichtte laboratoriumtests hebben doorstaan, hebben maar weinig systemen met dergelijke infill de volledige levenscyclus van tenminste acht jaar doorlopen die een kunstgrasveld minimaal geacht wordt aan te kunnen. En zelfs als dat wel het geval is, dan zijn ze nog niet uitgebreid getoetst. Hoe deze infills zich gedragen in (extreem) natte of droge omstandigheden, onder druk of bij intensief gebruik, en gedurende de levensduur (van het veld), is nog onbekend.
Verschillende onderzoeken hebben de afgelopen jaren getracht deze effecten in kaart te brengen. Het meest uitgebreide onderzoek was wellicht de TestbedNordic-studie uit 2022, een samenwerking tussen de Zweedse voetbalbond, de stad Solna, de lokale afdeling van de voetbalbond in Stockholm, Vinnova en Sports Labs Nordic. In dit onderzoek werden vier kleine voetbalvelden getest en gemonitord. Allen waren afgewerkt met een infill van een vorm van olijfpitten of met kurk. Deze studie is te vinden in de bibliotheek van www.sportvelden.info.
Nu er meer organische alternatieven worden aangeboden, heeft de Engelse Football Foundation besloten het onderzoek naar een hoger niveau te tillen. De stichting is de grootste sportliefdadigheidsinstelling van het Verenigd Koninkrijk en zet zich in voor de betere accommodaties voor amateurvoetballers door heel Engeland. Het is een samenwerking tussen de Premier League, de voetbalbond en de Britse regering. “Derde generatie kunstgrasvelden zijn essentieel voor het amateurvoetbal. Aangezien we ons inzetten voor duurzamere faciliteiten om de impact van rubberingestrooide velden op het milieu te verminderen, vormt het gebruik van alternatieve infill-systemen voor de 100 velden die we per jaar financieren, een potentieel risico”, stelt Chris Barry.
Barry is verantwoordelijk voor de accommodaties vanuit de Football Foundation. “Velden met een performance infill zijn van hoge kwaliteit en onmisbaar in het moderne voetbal. De impact ervan mag niet worden onderschat.” Daarom wil de Football Foundation er absoluut zeker van zijn dat haar geld goed wordt besteed. Sinds 2000 heeft de stichting voor meer dan 1,8 miljard pond aan sportfaciliteiten gerealiseerd. “We hebben een jaarlijks subsidiebudget van meer dan 100 miljoen pond, waarvan het grootste deel wordt besteed aan velden met een performance infill”, zo benadrukt hij. “Het Zweedse onderzoek leverde een aantal interessante resultaten op maar gezien het feit dat de locaties verschillend werden gebruikt vonden we het nodig om nog een onderzoek te doen. Je kon die gegevens namelijk niet goed vergelijken. Ook vanwege de verspreidde ligging van die locaties. Wij doen het daarom door alle proefveldjes op één plek te installeren.”
“Velden met een performance infill zijn van hoge kwaliteit en onmisbaar in het moderne voetbal. De impact ervan mag niet worden onderschat”
Chris Barry, Football Foundation
Zeven testvelden
Voor dit driejarige onderzoek heeft de Football Foundation een eigen testlocatie opgezet in Sheffield. Deze werd in november 2023 geopend. De locatie heeft zeven testvelden, waarvan er zes identiek zijn qua afmetingen. “Omdat ze alleen toegankelijk zijn via het clubhuis en worden gebruikt voor georganiseerde wedstrijden of door scholen, weten we precies hoe vaak deze velden worden gebruikt.” De zes proefvelden zijn identiek qua afmeting. Elk veld is afgewerkt met een andere ondergrond (zie kader). Het zevende veld is een referentieveld dat is afgewerkt met SBR in een 50 mm kunstgrasmat zonder shock pad. Een weerstation op de locatie en thermokoppels onder het veld loggen de klimatologische omstandigheden en effecten.
Voor het driejarige onderzoeksprogramma zijn zeven doelstellingen vastgesteld. Barry licht toe: “We willen de ervaringen van de spelers evalueren en normen vaststellen. We zullen ook de duurzaamheid en levensduur van het veld evalueren en de onderhoudskosten en economische haalbaarheid van de verschillende organische infills bepalen. Verder willen we de reactie
van de infills op ons klimaat vaststellen en inzicht krijgen in de ecologische voetafdruk van deze materialen.” Om dit alles te bereiken heeft de Football Foundation de hulp ingeroepen van verschillende instituten en ondernemingen waaronder Sports Labs, Technical Surfaces, Leisure United, Intelligent Play en Loughborough University.
Belangrijkste bevindingen tot nu toe
De belangrijkste bevindingen van het eerste jaar werden eerder dit jaar gepresenteerd. “Er zijn meer dan 1.000 reacties van spelers verzameld. Daarmee hebben we voldoende basisinformatie om tussentijdse conclusies te trekken.” De hoeveelheid reacties is vooral te danken aan het organiseren van toernooien. “Tijdens die toernooien werden steeds wedstrijden van 15 minuten gespeeld. De spelers werden meteen na afloop benaderd en gevraagd om hun reactie te delen via een app die we speciaal voor dit doel hadden ontwikkeld.”
Met hun ervaringen nog vers bij de spelers in het geheugen, werden ze naarmate de dag vorderde steeds beter in het vergelijken van hun ervaringen op de verschillende ondergronden. “Zo werd er onder meer gezegd dat spelers een krakend geluid hoorden wanneer ze op een veld met olijfpitten als infill liepen. Dit zorgde voor een perceptie die niet overeenkwam met hun ervaring.” De Football Foundation hield de vragenlijst bewust kort en bondig. “We stelden slechts 15 vragen, waaronder vragen over de bal-veldinteractie, stabiliteit en algemene tevredenheid.” Van de respondenten speelde 34% meer dan eens, terwijl 36% minder dan eens per maand op de locatie speelde. “Het enige wat ons tot nu toe teleurstelde, is dat slechts 10% van de respondenten vrouw was. Ook zijn we er nog niet in geslaagd om voldoende feedback van de jongste spelers te krijgen.”
Prestatietests
Bij haar onderzoek hanteert de Football Foundation de kwaliteitsnormen die FIFA voor haar FIFA Quality-velden hanteert. Eens per kwartaal komen inspecteurs van testinstituut Sports Labs de vrije pool en de infillhoogte verifiëren. Ook onderwierpen zij de velden ook aan balstuit- en balroltests, een rotatieweerstandstest, een vlakheidstest en tests om de schokabsorptie en verticale deformatie vast te stellen.
De laatste twee worden getest volgens de FIFA-testhandleidingen van 2015. Dit omdat de bijgewerkte versie van deze tests pas beschikbaar kwam nadat het onderzoek in Sheffield was begonnen. “Ze nemen ook vezel- en infillmonsters van elk veld om de duurzaamheid van de componenten te beoordelen.” Na 12 maanden presteren alle velden over het algemeen goed en zijn ze relatief eenvoudig te onderhouden. “Ze worden onderhouden volgens een overeengekomen onderhoudsplan. Intelligent Play-camera’s houden het aantal gebruiksuren bij, zodat we precies weten hoeveel er op de velden is gelopen. Die gegevens kunnen we koppelen aan de benodigde onderhoudsactiviteiten.” Een van de voorlopige conclusies is dat het belangrijk is om de gebieden met veel slijtage tijdig te herstellen. ”Dat gezegd hebbende, zal de frequentie van het bijvullen van de infill pas later in de onderzoeksperiode duidelijk worden.” Omdat het terrein aan drie kanten omgeven is door een bomenrij, werd ook enige schimmelgroei waargenomen.
“Zo werd er onder meer gezegd dat spelers een krakend geluid hoorden wanneer ze op een veld met olijfpitten als infill liepen. Dit zorgde voor een perceptie die niet overeenkwam met hun ervaring.”
Chris Barry, Football Foundation
Barry deed zijn meest opmerkelijke observatie in het magazijn waar de infill die wordt gebruikt om de velden bij te vullen, is opgeslagen. “Binnen is het donker. Afgelopen zomer hebben we schimmelgroei geconstateerd in enkele stapels materiaal. De les die we hieruit hebben getrokken is dat we zorgvuldig moeten overwegen waar en hoe we het materiaal opslaan dat we willen gebruiken om bij te vullen, aangezien dit duidelijk ook een gecontroleerde omgeving vereist.”
Evaluatiematrix
De Football Foundation heeft een speciale gegevensmatrix opgesteld waarin alle gegevens worden verzameld. “Deze matrix beoordeelt de feedback van spelers of gebruikers, testgegevens, klimaat- en milieu-impact, samen met de kosten en beschikbaarheid van het materiaal en het uitgevoerde onderhoud.” De gedocumenteerde scores variëren van minder dan 2,5 (onvoldoende/slecht) tot 2,5-3,5 (voldoende) tot meer dan 3 (goed) en meer dan 3,5 (zeer goed). “Na een jaar onderzoek krijgt het veld met SBR-infill nog steeds de hoogste score, gevolgd door het veld met kurk. Het veld met olijf krijgt de laagste score.” Deze resultaten kunnen nog aanzienlijk worden bijgesteld zodra de onderhoudsgegevens die in de loop van de tijd zijn verzameld, worden toegevoegd. Zo wordt algemeen namelijk aangenomen dat kurk het hoogste aanvulvolume per jaar vereist. Bovendien waren de velden vóór de laatste test in de aanloop van die presentatie begin dit jaar, nog niet echt aan sneeuw, ijs of ijzel onderworpen. “Wat we wel kunnen zeggen, is dat alle velden goed stand hebben gehouden tijdens de periodes met veel regen.” Komende winter wordt verder onderzoek gedaan om de effecten van lage temperaturen volledig te begrijpen.
Meer onderzoeksaspecten
In 2025 zal het onderzoek worden verruimd. “We zullen niet alleen kijken naar de impact op het milieu, maar ook naar de impact op het klimaat”, aldus Barry. De Football Foundation onderzoekt hoe zij de gegevens van de Product Environmental Footprint-tool (PEF) in haar werk kan toepassen. “We zullen ook dieper ingaan op de eigendomskosten en we zullen meer ervaringen van spelers verzamelen.” Ook hebben ze de ambitie om ten minste twee volledige voetbalvelden met organische infills aan te leggen. “Het is meer een kwestie van een locatie vinden in de omgeving van Sheffield dan van het verkrijgen van financiering”, aldus Barry, die daarmee zijn bevoorrechte positie illustreert. Na voltooiing kunnen ook de prestaties van organische infills op deze velden worden onderzocht.
Hoewel het een Engels project betreft, onderzoekt de Football Foundation ook mogelijkheden voor samenwerking met, of input van andere Europese partijen. “Zowel World Rugby als de Spaanse rugbybond hebben ook interesse getoond in ons onderzoek”, zo merkte hij op. Hoewel het onderzoek eind volgend jaar afloopt, verwacht Barry dat ze de monitoring zullen voortzetten. “Omdat het een gecontroleerde omgeving is, is het een perfecte locatie om meer waarde toe te voegen aan de informatie die we willen verzamelen.”
















