In de zoektocht naar manieren om hemelwater langer in de toplaag van gras sportvelden vast te houden en deze juist vrij te geven op de momenten dat gras dat verlangt, wordt letterlijk de onderste steen naar boven gehaald. Momenteel loopt er een pilot met een additief op basis van een combinatie van stenen.
In de speurtocht naar intensief bespeelbare, (altijd) groene, goed functionerende en onderhoudsarme sportvelden richt men zich vooral op de rassen, de agronomie en de onderhoudsaanpak. Allen kosten echter tijd, kennis en geld. Net als in heel veel andere gemeenten ervaart de afdeling Sport & Bos van de gemeente Amsterdam een chronisch gebrek aan die voorwaarden. In navolging van de stad zelf, staat de afdeling de komende jaren dan ook voor een enorme opgave, zo benadrukte Rosan Jelies begin 2023 nog. Jelies is Projectleider Sport en Duurzaamheid. “Amsterdam verwacht in 2037 zo’n 1 miljoen inwoners te hebben. Die moeten allemaal ergens wonen, studeren of boodschappen doen maar óók sporten en bewegen in het belang van hun eigen gezondheid.” De stad heeft momenteel zo’n 500 hectare aan sportvelden verdeeld over 50 sportparken. 120 Velden zijn afgewerkt met een kunstgrasmat. Deze oplossing is echter niet langer zaligmakend. “We weten dat kunstgras bij kan dragen aan de opwarming van de stad. Nu de druk op water toeneemt, kijken de bewoners steeds mee vaker over onze schouder,” stelt Bert Klein, projectmanager van de afdeling Sport & Bos.
Water is in Amsterdam sowieso een hot item omdat de historische binnenstad op houten palen is gebouwd. Een verstoring van de waterstand (door overvloedig gebruik ervan of door een veranderende samenstelling vanwege de toenemende opdruk van brak water), kan veel destructiever zijn dan een teruglopende kwaliteit van de grasvelden. “We hebben al meegemaakt dat activisten onze sproeikoppen hebben kapotgetrapt.” Klein was daarom erg enthousiast toen hij twee jaar geleden met een voorstel voor een proef werd benaderd. “Gras voetbalvelden die een hogere bespelingsdruk aan kunnen, minder kwetsbaar zijn en die ook minder watergiften vragen, zouden daarom ideaal zijn om te beantwoorden aan de toenemende vraag voor sport zonder daarbij een negatieve impact te hebben op de leef kwaliteit van de stad.”
Klein hoopt met de pilot straks echter ook sterker te kunnen staan in mogelijke discussies of een bestaand veld wel of niet door kunstgras moet worden vervangen. “Wij proberen met dit soort oplossingen de keuze voor de omzettingen van gras naar kunstgras zoveel mogelijk te voorkomen.
Additief op basis van steen
Voor het experiment is op een voetbalveld op zowel sportpark Ookmeer in Amsterdam-West als in Weesp, een additief door de toplaag gemengd. “Het is een mengsel van 80% verschralend zand en 20% sportadditief (premix) dat door de bovenste 12 centimeter van het sportveld is gemengd,” zegt Jaap Schuurman die namens Sport & Bos het experiment begeleidt. “Het resultaat is dat die toplaag dan 2% additief bevat. Het is de bedoeling dat het additief vocht gaat vasthouden en deze afgeeft in tijden dat de toplaag droog is. Dat water komt dan direct bij de graswortels maar zal die toplaag ook stabieler maken. We verwachten dat er daardoor ook minder speelschade zal ontstaan waardoor de onderhoudsvraag van het veld omlaag zou moeten gaan.” De grondstof voor het additief zijn diverse soorten gesteente die gesmolten worden bij een temperatuur van 1.400⁰ Celsius. “Het is een steenachtig materiaal en mag volgens het Bouwstoffenbesluit daardoor in de bodem worden toegepast,” zo verklaart Henk Breunissen van Happy Feet Sports Systems die de velden op verzoek van de gemeente Amsterdam, heeft aangepakt. Toch had de start van de pilot heel wat voeten in aarde. “De omgevingsdienst die verantwoordelijk is voor deze regio, was aanvankelijk bijzonder kritisch op het product. Dat hebben we met papieren en reeds uitgevoerde onderzoeken en keuringen kunnen onderbouwen.”
[pms-restrict subscription_plans=”1946,1937, 4891″]
Allesbehalve isolatiemateriaal
Zo op het eerste oog hebben de additiefkorrels veel weg van korrels samengeperste steenwol. “Maar dat is het juist niet. De steenwol dat wordt gebruikt voor de isolatie van, bijvoorbeeld, muren of plafonds, is behandeld om waterafstotend te zijn. Dit materiaal is juist zo samengesteld dat het water aantrekt en vasthoudt en geeft dat vocht af als de grond daar behoefte aan heeft” zegt Ron van Raam, van productontwikkelaar DutchBlue. Elders in Amsterdam heeft DutchBlue hun Bluelay waterabsorberende shockpad onder een kunstgrasveld toegepast. Daar helpt het vrijgekomen vocht bij het reguleren van de buitentemperatuur. Zowel het additief als de BlueLay zijn ontwikkeld in samenwerking met Rockwool, een grote fabrikant van steenwol. “Voor dit additief wordt een specifiek mengsel van verschillende soorten stenen samengesteld. Elke steensoort heeft daarbij z’n eigen gedrag. De combinatie daarvan biedt het additief de karakteristieken waarom in deze toepassing wordt gevraagd.”
Samen met Henk Breunissen heeft Dutchblue veel tijd gestopt in het vaststellen van de juiste mengverhouding. “We zijn tot de conclusie gekomen dat de verhouding 2% additief in de bovenste 12 cm toplaag van het veld het beste werkt. Meer additief toevoegen heeft voor de waterhuishouding geen zin, omdat dit de functionaliteit niet verder zal doen vergroten.” Breunissen heeft vergelijkingsmateriaal. “Zo’n zeven jaar geleden hebben we vergelijkbaar materiaal ook gemengd door de toplaag van een voetbalveld in Gouda. Dat veld ligt er nog altijd goed bij.” Het additief wordt nu als premix klant-en-klaar aangeleverd op locatie. “Om het installatieproces te optimaliseren hebben wij zelf een menginstallatie ontwikkeld,” zo verklaart van Raam waarom ze het mengproces in eigen hand houden. Wel kan met een gewone frees worden volstaan om de mix daarna door de toplaag van het veld te mengen.
Eenvoudig in onderhoud
Volgens van Raam is de structuur van het materiaal een van de redenen waardoor het materiaal in de bodem op z’n plek blijft, in plaats van zichzelf een weg baant naar het oppervlakte. En verpulvering zal, volgens hem, ook nauwelijks plaatsvinden. “In Noorwegen en Zweden plaatsen ze steenwol onder de rails om het gedreun van treinen op te vangen. Het materiaal kan dus heel wat krachten weerstaan.”
Het additief is aan het begin van de zomerstop op de velden aangebracht. Gezien de omstandigheden is Bert Klein wat afgeweken van de oorspronkelijke plannen. “Aanvankelijk was ons idee om beide velden opnieuw in te zaaien. Vanwege de hoge tijdsdruk hebben we echter besloten om het veld in Weesp te laten bezoden.” Met de keuze voor graszoden van 100% veldbeemd, is het veld nu ook nog eens afgewerkt met een ras dat sowieso met minder water af kan. Dat het additief nu op grotere diepte zit, maakt niet uit. In dit artikel leest u hoe de wortels van verschillende grassen zich gedragen in hun zoektocht naar water.
Klein is van zins om de effectiviteit van het additief de komende twee jaar te gaan monitoren. “De twee velden liggen elk bij een club die behoefte had aan wat extra veldcapaciteit maar waarvoor de investering in een kunstgras niet verantwoord was. Als het nu lukt om de grasvelden vaker te gebruiken terwijl het gras toch goed blijft staan en zonder dat de onderhoudsvraag navenant toeneemt, dan is de proef zeker geslaagd.”
[/pms-restrict]
