Nieuwe fase in ontwikkeling kunstgras

Met de opening van de eerste One-DNA kunstgras voetbalvelden in Utrecht is de kunstgrassector een nieuwe fase ingegaan. Een kunstgras toplaag die volledig van hetzelfde polymeer is gemaakt. Een kleine stap voor nu, maar alvast een grote stap voor later.

Het begrip One-DNA is al een tijdje in zwang: wat begon als een kunstgrasproduct voor landscapetoepassingen is inmiddels een referentie geworden voor kunstgras sportvelden. Kunstgras waarbij de volledige toplaag uit hetzelfde polymeersoort bestaat. Zo’n product vraagt minder grondstoffen en laat zich straks makkelijker recyclen dan producten waarvoor polypropyleen, polyethyleen, latex en polyurethaan zijn gebruikt.

Limegreen, een ontwikkelaar van duurzaam kunstgras, heeft van het begrip een productnaam gemaakt. “Zowel de kunstgrasvezels als backing zijn voor One-DNA van polyethyleen gemaakt. Daarnaast hebben we op basis van datzelfde basismateriaal een lijmband ontwikkeld om de stroken kunstgras die het veld vormen, aan elkaar te plakken,” zo licht Jasper Eppingbroek van Limegreen toe. Het idee komt voort uit een besef dat het recyclen van producten eenvoudiger moet worden gemaakt. “Op dit moment vereist het recyclen van kunstgras nog de expertise van specialistische kunstgrasrecyclers die in staat moet zijn om de verschillende materialen die een kunstgrassysteem vormen, te scheiden. Dat zijn er maar een paar ter wereld en meestal beperken die zich tot het scheiden van de mat en de infills.” Omdat de gerecyclede kunstgrasmat weinig waarde heeft, is de prijs voor de inname en verwerking van afgedankt kunstgras hoog. Dit ondanks het feit dat het aantal kunstgras voetbalvelden volgens de analisten van AMI Plastics vorig jaar wereldwijd met zo’n 56.000 toenam. “Toen we dit product begonnen uit te werken was ons doel om de verwerking van zo’n mat straks door elke plasticrecycler mogelijk te maken. Dat maakt de lokale verwerking gemakkelijker en bespaart ook in de kosten en CO2-uitstoot voor transport omdat er niet meer met de mat gezeuld hoeft te worden.” Die meerwaarde krijgt nu een extra lading omdat vanaf 1 januari 2026 het Duurzaamheidslabel van start gaat. Omdat One-DNA een andere vorm van vezelverankering benut, is het gehele productieproces water- en energie-arm.

Sporttechnisch geaccepteerd

De eerste twee One-DNA kunstgras voetbalvelden zijn onlangs geopend in Utrecht. “Het zijn 45mm matten met 410 micron vezels met daartussen een 20mm dikke laag stabilisatiezand en afgestrooid met 10 mm TPE infill,” zegt Silvio van Doorn van sportveldenbouwer CSC Sport. De keuze voor TPE infill vloeit voort uit de voorkeur die de gemeente Utrecht heeft voor dit materiaal. “Wij maken een lange termijn afweging voor wat betreft de toevoeging aan de sporttechnische eigenschappen van het kunstgrasveld. Daarnaast is ons huidige beleid dat we willen overstappen naar mineraal-gevuld kunstgras. Omdat hiervan nog geen versie uit één en dezelfde polymeer bestaat voor een voetbaltoepassing, hebben we daarom voor een gevuld systeem gekozen. Maar uiteindelijk zijn ook de TPE-korrels van polyethyleen. Het sluit dus goed aan op het idee achter dit kunstgrassysteem,” zo licht Stefan Beerepoot van de gemeente Utrecht toe.

De mat wordt niet geklemd langs de randen van de velden. De laag infill heeft daarom een extra taak. “De 40 kg/m2 gewicht houdt de mat op z’n plaats,” zegt Eppingbroek wanneer hij gevraagd wordt naar hoe ze de dimensionale stabiliteit van de mat behalen. Vergeleken met polypropyleen, het materiaal waar tegenwoordig de meeste backings van zijn gemaakt, is polyethyleen een veel veerkrachtiger materiaal. De toevoeging van een polyester-inslagdraad om deze zo weerbaarder te maken tegen de krachten van rennende of slidende spelers, past niet binnen de gedachte van één basismateriaal.

De kunstgrasstukken zijn verlijmd met behulp van een speciaal ontwikkelde recyclebare lijmband. “Ook die heeft polyethyleen als basismateriaal,” verklaart Van Doorn. Het aantal naden voor de matten in Utrecht is zo beperkt mogelijk gehouden. “De contouren van het veld zijn ingetuft. Maar de middencirkel en de rondingen op de kop van de 16-meter zijn met behulp van een belijningsrobot aangebracht. Anders hadden we die rondingen moeten verlijmen met heel veel stukjes lijmband. Dit verhoogt de kwaliteit en efficiëntie van de installatie,” zo voegt hij toe. Volgens Van Doorn moet de belijning naar verwachting tweemaal per jaar worden bijgewerkt.

"We hebben voor al onze producten een Life-Cycle Analysis opgesteld en weten daarom nu dat de ecologische footprint van One-DNA tussen de 40 tot 60% lager ligt dan dat voor de standaard kunstgrasmatten met een latex coating”

Laagste ecologische footprint

De aanstaande komst van het Duurzaamheidslabel geeft One-DNA onverwacht een bijzonder hoge meerwaarde. Het label heeft pas na de introductie van One-DNA vorm gekregen. Het label beoogt de ecologische footprint van kunstgras toplagen inzichtelijk te maken. “De productie van een kunstgrassysteem vergt veel materiaal. Vaak zijn die afkomstig uit verschillende bronnen. We hebben voor al onze producten een Life-Cycle Analysis opgesteld en weten daarom nu dat de ecologische footprint van One-DNA tussen de 40 tot 60% lager ligt dan dat voor de standaard kunstgrasmatten met een latex coating,” stelt Eppingbroek. Die winst zit ‘m in het feit dat de productie minder verschillende grondstoffen verbruikt maar ook in het feit dat de afwerking van de mat aanzienlijk duurzamer is.” In de meeste kunstgrasmatten worden de kunstgrasvezels in de backing verankerd met behulp van een dikke laag latex. Dat is een extra grondstof maar bovenal een die veel water vergt. Eenmaal aangebracht wordt die laag in een ovenstraat van wel 100m lang verhard en van elk vocht ontdaan. Dat proces vraagt om een grote productiehal, veel water en veel energie. “Bij One-DNA is dat niet het geval. Ons proces is grotendeels elektrisch aangedreven, volledig coatingvrij en vraagt aanzienlijk minder energie. Eenmaal getuft worden de vezels met het speciaal ontwikkelde tuftdoek gefuseerd door deze te verwarmen. De combinatie van hitte, tijdsduur voor dat verhittingsproces en de druk die daarbij op de combinatie wordt uitgeoefend, zorgen ervoor dat de vezels stevig verankerd worden in de backing.” Eppingbroek noemt dat proces ‘lamineren’. De machine die hiervoor wordt gebruikt is nog géén twee meter lang. “We kunnen dus af met een veel kleinere productielocatie wat weer positief doorwerkt in de energie die wordt gebruikt voor het verlichten of verwarmen van die productiehal.”

Dankbaar voor tonen van lef

De installaties op sportparken Nieuw Welgelegen en De Vryheit in Utrecht zijn de eerste velden ter wereld. “De gemeente Utrecht verdient veel lof voor het feit dat ze hun nek hebben durven uitsteken om dit een kans te geven,” zegt Van Doorn. Eppingbroek vult aan. “Tegelijkertijd wordt het zichtbare stuk, de kunstgrasvezels met infill, al op heel veel plekken gebruikt. Voor de spelers is het spelen op deze velden géén nieuwe ervaring.” Silvio van Doorn erkent dat de gemeente Utrecht in Marcel Bouwmeester en Stefan Beerepoot beschikt(te) over mensen met kennis van zaken. “Dat heeft het allemaal een stukje makkelijker gemaakt. Het RAW-bestek dat zij hadden opgesteld, was erg duidelijk. Maar je hebt het hier wel over een nieuwe ontwikkeling waar nog geen praktijkervaring mee was. Dat bleek bij de aanleg toen we ervaarden dat de lijmband niet goed wilde hechten bij een lage temperatuur. Dat terwijl de installatie tijdens de winter was gepland.” Zowel Van Doorn als Eppingbroek benadrukken dat het hele project een leerproces is voor alle betrokkenen.

Ook Beerepoot erkent dat het hele proces een uitdaging was. “Dat begint bij het aanbesteden waarbij je de sector wilt uitdagen om een duurzaam product samen te stellen. Het is een complexe materie, zeker nu kunstgrasrecycler Re-Match niet langer bestaat. Waar de maatschappij al bezig is elektrisch aangedreven auto’s te omarmen zonder dat er al een oplossing bestaat voor de batterij aan het einde van haar levensduur, wilde wij juist een kunstgrasveld waarbij nu al is nagedacht over wat er bij einde levensduur met dat veld moet worden gedaan.” Volgens hem hebben kopers van kunstgras straks veel baat bij het nieuwe Duurzaamheidslabel dat vanaf 1 januari gaat bestaan. “Toen wij dit project begonnen was er van dat label nog helemaal geen sprake. We hebben het allemaal samen moeten uitzoeken en dat heeft veel tijd gevergd.” Inmiddels denkt hij al een stap verder. “Onze verwachting is dat in de toekomst de leverancier de kunstgrasmat aan het einde van haar levensduur terugneemt en deze weer opnieuw verwerkt.” In dat geval zou er zelfs sprake kunnen zijn van een statiegeldsysteem. Voor nu is dat echter nog te vroeg. “De branche moet eerst nog wel een duurzaamheidsslag maken voordat we daar echt over kunnen gaan praten.”

Voor de onderhoudsploeg en de gebruikers brengen de One-DNA velden niet heel veel anders. “Het is vooral een kwestie van de infilllaag loshouden,” zo merkt Van Doorn op. Maar een kunstgrasmat waarbij aan de voorkant is nagedacht over hoe deze straks zo eenvoudig mogelijk kan worden weggehaald, uit elkaar worden gehaald en verwerkt worden tot een nieuw, hoogwaardig, basismateriaal, gaat circulariteit veel eenvoudiger maken.

Waterberging voor 1 miljoen liter

De velden in Utrecht zijn extra uniek omdat ze ook een waterbergend en koelend effect bevatten. Beide kunstgrasvelden zijn geplaatst op een onderbouw van Grauwacke. Een zuiver maar grof gesteente dat, in de hole ruimtes tussenin, water kan worden opgeslagen. “Elk veld heeft een buffer van 1.000 kuub. De berging kan worden leeggetrokken of gevuld om zo in te spelen op de omstandigheden,” zo legt Stefan Beerepoot van de gemeente Utrecht uit. Op de buffer is een Recticel shockpad aangebracht. “De grondstof voor deze shockpad is een open-cel materiaal waardoor de shockpad vocht opneemt en vasthoudt. Deze zuigt het vocht uit de buffer. Door natuurlijke verdamping koelt dat vocht het veld en de omgeving,” zo vult Silvio van Doorn van CSC Sport aan. Eenmaal volgezogen kan de shockpad tot vier keer haar eigen volume aan vocht bevatten.  

Geef een reactie